Leiderschap

Een evenwichtige relatie met je hond


Net als een kind heeft een hond een enorme behoefte aan duidelijke regels en aan leiding. Het dier leeft bovendien in een erg dichtbevolkte mensenwereld en zal zich toch echt aan mensenregels moeten houden, wil hij op een prettige manier door het leven gaan. Houdt hij zich niet aan die regels, dan wordt zijn vrijheid steeds verder ingeperkt en krijgt hij de nodige boze reacties over zich heen. Dat is toch verre van aangenaam!?!

Voor het leren van die regels en het omgaan met alle verschillende situaties die hij kan tegenkomen in onze maatschappij, heeft een hond onze leiding hard nodig.

 

 

Naar boven Naar benedenLeiding

Geregeld komt er weer discussie over roedelgedrag en rangorde. Onderdeel van die discussie is of de hond de mens ook als hond ziet, of als een wezen waarmee hij samenleeft.
In ieder geval ben ik van mening dat wij geen hond zijn en dat de hond ons ook niet zo ziet. Gelukkig maar, want ik denk dat wij als hond enorme mislukkelingen zijn, dat wij alleen de grovere communicatiesignalen zien en dat wij al helemaal niet op 'hondse' manieren kunnen straffen (als je dat al zou willen).

Een ander aspect van de discussie is dat er bij problemen veel te snel wordt geoordeeld dat hond en baas een rangordeprobleem hebben. Vaak is er bij ongewenst gedrag iets anders aan de hand, bijvoorbeeld:

  • De eigenaar heeft de hond nooit het gewenste gedrag aangeleerd.
  • De eigenaar heeft het ongewenste gedrag keer op keer beloond, bijvoorbeeld met aandacht (mopperen?).
  • De eigenaar heeft het zelfbelonende gedrag niet voorkomen, waardoor het een hardnekkige gewoonte is geworden.
  • De hond voelt zich bedreigd.
  • De hond heeft ergens pijn.
  • De hond krijgt te weinig beweging.
  • De hond krijgt te weinig mentale stimulans en verveelt zich.

En zo zijn er legio andere oorzaken voor ongewenst gedrag te bedenken dan dominantie. Het is dan ook zaak te achterhalen wat de oorzaak is van ongewenst gedrag.

Als ik naar het gedrag van een zogenaamd dominante hond kijk, zie ik gedrag dat erg vergelijkbaar is met dat van verwende kinderen (zij het dat hondengedrag zeker voor leken minder begrijpelijk is dan het gedrag van een kind en dat kinderen iets minder grote tanden hebben). Zijn die kinderen dan ook dominant? Hebben zij niet gewoon geleerd dat hun vervelende gedrag van alles oplevert?

Net als een kind heeft een hond een enorme behoefte aan duidelijke regels en aan leiding. Het dier leeft in een heel dichtbevolkte mensenwereld, en zal zich toch echt aan mensenregels moeten houden, wil hij op een prettige manier door het leven gaan. Voor het leren van die regels en het omgaan met alle verschillende situaties die hij kan tegenkomen in onze maatschappij, heeft hij onze leiding hard nodig.

Een hond kan echter alleen vanuit zijn hond-zijn kan denken. Als hij geen leiding krijgt, gaat hij gewoon zijn eigen gang en voelt hij zich gedwongen in bepaalde situaties het initiatief te nemen en dingen zelf op te lossen (en overtreedt daarbij meestal allerlei mensenregels). Als hij dat erg gewend is, vindt hij het erg raar als jij als mens ineens wilt bepalen wat hij doet in een bepaalde situatie. Hij heeft daarvoor immers zijn eigen prima manier voor gevonden, ook al ben jij het daarmee niet eens. Maar je hebt hem  zelf nooit een andere, betere manier voor geleerd! Als je hond zich daarbij bedreigd of gedwarsboomd voelt, kan hij daar alleen maar op zijn eigen, hondachtige manier op reageren.

Om al deze redenen is het dus belangrijk dat jij je hond leiding geeft - en om dat te kunnen doen, moet je ervoor zorgen dat jij de moeite waard bent om te volgen.

 

 

Naar boven Naar benedenDominantie

In de trilogie van Christina Sondermann (Wat is er met dominantie? (1) - De voorouders van onze hond (2) - Wat betekenen deze bevindingen voor ons en onze honden? (3)) kun je kennis nemen van een andere kijk dominantie en de omgang met honden.

In het laatste deel vertelt zij dat honden enorme egoïsten zijn, maar dan wel heel beminnelijke egoïsten die meestal liever conflicten vermijden. Honden doen en herhalen wat voor hen loont, en zij laten dat wat geen succes oplevert. Dat is geen boosaardigheid van honden. Zij verschillen hierbij op geen enkele manier van welk ander levend wezen dan ook, inclusief de mens.

Het betekent ook niet dat wij willoos aan honden zijn overgeleverd. Eerder geldt het omgekeerde: honden zijn in alles afhankelijk van ons: hun eten en drinken, aandacht, beweging, een dak boven het hoofd, veiligheid en zekerheid. Al deze dingen en nog veel meer zaken die honden zich graag wensen, hebben wij in ons beheer. Wij kunnen deze dingen nuttig gebruiken als ruilmiddel om onze hond ertoe te brengen met ons samen te werken. "Als jij doet wat IK wil, dan krijg jij wat JIJ wilt". Als wij de regels hiervoor bepalen, werkt onze hond graag met ons mee. De hond is op zijn eigen voordeel uit – en daarbij kan hij op geen enkele manier om ons heen. Eigenlijk heel erg eenvoudig, toch?

De hond kan dus zijn wens in vervulling zien gaan, maar daarvoor moet hij eerst op ons letten om te horen wat wij van hem willen en vervolgens het gevraagde uitvoeren. Doet hij het niet? Hé jammer, dan kunnen wij hem nu even niet geven wat hij zo graag wil hebben.
Hierdoor leert onze hond dat wij heel belangrijk zijn voor hem, want alleen door te doen wat wij vragen, kan hij krijgen wat hij wil. Hij heeft respect voor ons, want wij bepalen alles wat hij belangrijk vindt in zijn leven. En daarbij kunnen wij uiterst vriendelijk blijven!

Hoe werkt dit dan in de praktijk?

 

 

Naar boven Naar benedenControle over beloningen

Om controle te hebben over de beloningen van je hond, is het belangrijk dat je weet welke dat zijn. Bedenk wat voor jouw hond het belangrijkste is in zijn leven. Denk ook aan dingen die je misschien vanzelfsprekend vindt, en je hond daarom inmiddels ook! Maar vooral ook: kijk naar jouw hond! Waardoor lichten zijn ogen op, waardoor gaat hij kwispelen, waardoor raakt hij vrolijk opgewonden, waardoor wordt hij makkelijk afgeleid? Maak een top tien van de dingen die je hond het belangrijkst vindt in zijn leven.

Voorbeeld van een top 10 van beloningen:

  • Eten (maaltijd)
  • Spelen met een andere hond
  • Achter een speeltje aanrennen en het teruggeven voor een nieuw spel
  • Kaas
  • Uitgaan
  • Speeltje zoeken in het hoge gras
  • Snuffelen
  • Mogen zwemmen
  • Knuffelen (alleen in huis, op rustige momenten)
  • Aandacht (toespreken, aankijken, enz.)

De lijst is makkelijk uit te breiden, afhankelijk van wat jouw hond leuk vindt: los mogen, in huis naar boven mogen, de auto in mogen springen, uit de auto mogen springen, iets mogen dragen, bak met water krijgen nadat hij aangaf dat deze leeg was, lekker borstelen, mand opmaken als deze niet meer lekker lag, deur open maken als je hond erom vroeg...

Bedenk echt alles wat je hond allemaal lekker, leuk en fijn vindt!

Soms is het moeilijk te bepalen wat je hond nu echt het leukste vindt, omdat soms de ene, soms de andere beloning belangrijker is voor een hond. Afhankelijk van de situatie kan de voorkeur van de hond namelijk veranderen. Sommige honden vinden knuffelen in huis prima, maar buiten hebben ze er weinig geduld voor en accepteren ze het hooguit. Voor brokjes wil de hond vòòr zijn maaltijd misschien veel doen, maar net daarna vaak een stuk minder.
Je kunt ook prima wensen die je hond zelf spontaan aangeeft als beloning gebruiken. Bijvoorbeeld als je hond heel graag ergens net buiten het bereik van de riem wil snuffelen, ergens iets interessants in een perk ziet liggen dat hij wel van je mag hebben, enz.

 

 

Naar boven Naar benedenBepalen wat er gebeurt

Je hebt inmiddels een lijst met de belangrijkste beloningen voor je hond. Nu ga je ervoor zorgen dat hij steeds iets voor jou moet doen om deze beloningen te verdienen.

Wat hij dan moet doen? In ieder geval iets dat hij al kan – anders is het voor hem onmogelijk om het gewenste te bereiken en dat levert enorme frustraties op. Soms is het iets heel praktisch. En soms maak je van de gelegenheid gebruik met oefeningen die je hond heeft geleerd. Je hond kent bijvoorbeeld al de volgende oefeningen:

  • Zit (en wacht)
  • Af (en wacht)
  • Staan (en wacht)
  • Hierkomen
  • Oogcontact
  • Volgen links
  • Meelopen aan slappe lijn
  • Poot geven
  • Rondje draaien
  • . . . aan te vullen naarmate je hond meer oefeningen en kunstjes kent

Deze oefeningen en kunstjes ga je nu vragen op het moment dat je hond iets wil hebben of wil doen, of als je jouw hond iets wilt geven. Je begint met één oefening te vragen per iets dat je hond wil. Wel vraag je geregeld iets anders, zodat je hond echt naar jou moet blijven luisteren en nadenken. Als je hond één oefening prima uitvoert, vraag je twee oefeningen achter elkaar voor één beloning.

Je hond leert pas echt oplettend naar jou luisteren als je hem steeds iets ànders vraagt. Om iets op automatische piloot uit te voeren, hoeft hij niet naar je te luisteren! Dan voert hij de oefening gewoon uit, "ik doe dat wel gauw, daarna mag ik gewoon ...". Hij hoeft niet op te letten wat jij zegt - en daar draait het juist om.

Naarmate je hond meer oefeningen en kunstjes kent, kun je hem dus meer verschillende dingen vragen!

Vertoont je hond agressief gedrag, neem dan contact op met een goede hondenschool of gedragstherapeut.
Voor tips hierover zie onder Meer info online de pagina gedrag
.

 

 

Naar boven Naar benedenWerken voor de beloningen

Eten (maaltijd)

Voor eten kun je je hond standaard laten zitten en wachten. Komt hij overeind voordat je het seintje geeft dat hij mag eten (varieer de tijd en de afstand tot de bak, maar begin met het moment dat je de bak hebt neergezet), dan pakt je de bak weer weg, zet je hem op het aanrecht en laat je je hond weer zitten en wachten.

Gaat je hond drie keer in de fout, dan is je opdracht waarschijnlijk te moeilijk voor je hond. Ben je er absoluut zeker van dat je hond de opdracht echt aankan, dan zet je de bak weg (waar je hond er zeker niet bij kan) en ga je even rustig op de bank zitten. 5 minuten later (of zodra je hond is gekalmeerd, want hij kan mogelijk zeer verontwaardigd reageren, zeker als hij gewend is altijd zonder al te veel moeite zijn eten te krijgen) probeer je het opnieuw.

Als je hond al automatisch gaat zitten en wachten voor zijn maaltijd, kun je hem andere oefeningen vragen. Variaties kunnen bijvoorbeeld zijn: af en wacht, staan en wacht, hierkomen weg van het aanrecht waarop de bak staat en echt netjes voor je zitten, met zijn aandacht op jòu, niet op de bak achter hem. Als nodig mag je je hond de eerste paar keer dat je een nieuwere oefening vraagt in deze situatie helpen. Als seintje dat hij het goed heeft gedaan, kun je een klik(woord) gebruiken of een 'verloswoordje' als "vrij", "toe maar" of "pak maar" (kies één verloswoordje dat je consequent gebruikt).

Je kunt de maaltijd natuurlijk ook als jackpot gebruiken aan het einde van je trainingssessie!

 

Naar boven Naar benedenSpelen met een andere hond

Kom je een andere hond tegen terwijl beide aan de riem zijn, dan kun je je hond vragen aan een slappe lijn met je mee te lopen naar de andere hond. Doet hij dat niet, dan loop je 5 meter achteruit en probeert het opnieuw. Net zolang tot je hond aan een slappe lijn meeloopt helemaal naar de andere hond toe, zonder ook maar een seconde te trekken. Het bereiken van de andere hond en ermee mogen spelen is de jackpot.

Oefen dit eerst met bekenden die begrijpen dat ze stil moeten staan met hun hond. Dan weet je hond binnen de kortste keren hoe hij die andere hond kan benaderen (aan een slappe lijn!).

Dit werkt namelijk alleen als de andere hond op één plek blijft, niet als de andere baas doorloopt met zijn hond. Kom je een eigenaar tegen die gewoon doorloopt naar jou toe met zijn hond, dan ga je aan de kant, zodat je hond geen succes heeft met zijn trekken.

Andere zaken die je in deze situatie van je hond kunt vragen zijn zit en wacht, liefst met oogcontact met jou, terwijl de andere hond nadert. Je hond mag pas op jouw seintje overeind. Komt hij eerder overeind, jammer, opnieuw! Maak de afstand weer even groter voordat je opnieuw begint.

Voorbeelden van variaties: zit en wacht, af en wacht, volgen met oogcontact.

Uiteraard kun je dit niet als beloning gebruiken als je hond agressief is naar andere honden of agressie uitlokt!!!

 

Naar boven Naar benedenAchter speeltje aanrennen en het teruggeven voor een nieuw spel

Dit kun je in de training of bij een spontane opwelling als jackpot gebruiken voor bekendere oefeningen die je hond moeilijk of saai vindt (waardoor hij de oefeningen leuker gaat vinden), of die je hond onder moeilijke omstandigheden moet doen (afleiding).

Kaas

Dit kun je in de training als jackpot en voor moeilijkere of saaiere oefeningen als extra motivatie gebruiken. Ook kun je het in een spontane opwelling gebruiken als je hond buiten een trainingssessie om in huis iets geweldigs doet: klik en samen naar de koelkast rennen voor een stukje kaas.

 

Naar boven Naar benedenUitgaan

Als je de riem pakt, mag je hond best even stuiteren van blijdschap. Maar voor het omdoen van de halsband moet hij rustig gaan zitten. In het begin beloon je dit steeds met lekkers, maar op een gegeven moment is het gedrag zelfbelonend, want het leidt tot de wandeling. Dan kun je het lekkers afbouwen. Vervolgens moet je hond bij de deur zitten en wachten. Je opent de deur en stapt naar buiten. Beloon in het begin nog het wachten met lekkers, maar al gauw is de beloning het 'naar buiten mogen stappen'. Dan laat je je hond buiten de deur naast je zitten en doe je de deur rustig dicht. Weer beloon je dit zitten en wachten in het begin met iets lekkers, maar bouw dan de beloning af. De eigenlijke beloning wordt al heel gauw 'op pad mogen'. Blijft je hond ergens niet wachten, stap je weer naar binnen en doe je de deur weer dicht. Probeer het opnieuw. Als je hond het ook de derde keer niet doet, ga je weer naar binnen en kun je even op de bank gaan zitten. 5 minuten later (of als je hond gekalmeerd is van zijn frustraties) probeer je het weer.

Op deze manier krijg je een hond die weliswaar enthousiast is om uit te gaan, maar die je wel sturing kunt geven. Bovendien word je niet je eigen voordeur uitgesleurd en heb je alle tijd om je deur rustig achter je te sluiten.

Tijdens de wandeling bepaal jij het tempo van de wandeling. Dat houdt in dat je hond je niet aan de lijn mag voortsleuren. Een aantal strategiën om je hond netjes met je te leren meelopen aan de lijn vind je in het artikel Trekken aan de lijn.

Bij de wandeling bepaal jij ook de richting. Als je je hond in het park los laat lopen, kun je geregeld van route veranderen en je af en toe achter een boom, struik of iets anders verstoppen. Daarmee verras je je hond, maak je jezelf interessanter, en leer je je hond om je niet uit het oog te verliezen. Kortom, hij blijft op jou letten!

 

Naar boven Naar benedenSpeeltje zoeken in het hoge gras

Hiervoor kun je oefeningen als 'zit en wacht', 'af en wacht' en zelfs 'staan en wacht' gebruiken. Je kunt het speeltje gooien of zelf verstoppen (in het begin vlakbij en zelfs in zicht, zodat het makkelijk te zien en te vinden is, later steeds iets verder weg en/of op moeilijkere plaatsen). Pas op jouw seintje mag je hond gaan zoeken. Komt je hond eerder overeind, zet je hem met zo min mogelijk aandacht en poespas op precies dezelfde plaats terug. Gaat het 3x fout, spelletje afbreken. Volgende keer moet je het waarschijnlijk iets makkelijker maken (halsband zachtjes, zonder druk vasthouden, iets minder enthousiast gooien, minder lang laten wachten, minder ver weglopen, beter in het zicht blijven).

 

Snuffelen

De meeste honden, zeker reuen, zijn gek op snuffelen. Voor hen is het zoiets als de krant lezen. Soms wil je hond je meesleuren naar een erg lekker geurend plekje. Sta dat sleuren niet toe! Vraag dat hij naar jou toe komt en je aankijkt (oogcontact). Dan loopt je samen aan een slappe lijn naar het geurplekje toe. Trekt hij toch weer, huppel je vrolijk achteruit naar waar je begon (of nog iets verder, tot een afstand van minimaal 5 meter van 'de plek') en start je opnieuw (zie ook het artikel Trekken aan de lijn).

 

Naar boven Naar benedenMogen zwemmen

Veel honden vinden zwemmen geweldig. Vaak zie je de baas echter langs de kant brullen omdat de hond zonder toestemming en blijkbaar zeer tegen zijn zin in het water gesprongen is. Het is heel goed mogelijk je hond te leren om alleen in het water springen na jouw toestemming. Als je weet dat je een sloot of plas nadert waar je hond graag in springt, lijn je je hond een tijdje tevoren aan. Vraag om oogcontact, een "zit", een "af" of een van zijn andere kunstjes. Doet hij het? Dan laat je hem los en geef je hem toestemming om het water in te gaan! Op dat moment mag hij ook zolang het water in als hij wil. Zodra hij aan de kant komt, beloon je hem, bijvoorbeeld met iets lekkers of door hem achter een bal aan te laten rennen. Vraag nogmaals een oefening, en hij mag daarna weer het water in. Op deze manier leert je hond dat eruit komen niet 'einde lol' betekent, maar dat hij hoogstwaarschijnlijk nòg een keer mag!

Als je het zwemmen op deze manier onder controle hebt gekregen, kun je het als jackpot gebruiken voor bekendere oefeningen die je hond moeilijk of saai vindt (waardoor hij de oefeningen leuker gaat vinden), of die je hond onder moeilijke omstandigheden moet doen (afleiding).

 

Naar boven Naar beneden Knuffelen

Vraag je hond minstens om te gaan zitten of staan (kun je oefenen voor de oefening 'staan en betasten'!). Of als je hem dat hebt aangeleerd, vraag hem dan ook eens om op zijn zij te gaan liggen.

 

Aandacht (toespreken, aankijken, enz.)

Hierbij is het vooral belangrijk dat je je ervan bewust bent dat je dit doet.

Je mag je hond beslist WEL aandacht geven op momenten dat hij braaf is: als hij rustig in zijn mand ligt, ergens rustig zit, als hij op zijn knaagspeeltje ligt te kauwen (en niet verstijft of gromt als je dan aan hem komt) of als hij naar je toe komt.

Geef je hond vooral GEEN aandacht op het moment dat je hond daarop uit is terwijl hij iets stouts of minder gewensts doet. Ook mopperen is voor veel honden een beloning. Zo hebben heel veel honden onhebbelijke gewoonten in huis, omdat er op ze gemopperd wordt als ze dat gedrag vertonen.
Bijvoorbeeld hebben sommige honden geleerd om steeds voor de televisie te gaan staan terwijl de baas wil kijken. Het levert namelijk heel veel aandacht op (ook al is het negatieve), terwijl braaf in de mand liggen niets oplevert! Maar ook piepen, blaffen en allerlei andere irritante gedragingen zijn meestal puur door aandacht of mopperen versterkt, waardoor ze steeds erger zijn geworden!

Bij beloningen als knuffelen en spelen, stop je altijd voordat je hond het zat is en wegloopt. Dan blijft deze bezigheid voor je hond namelijk altijd een tractatie.

Heeft je hond al de gewoonte om opdringerig om aandacht te vragen en vind je het moeilijk om hem te negeren, dan kun je bijvoorbeeld ook opstaan en de kamer uit lopen.

 

 

Naar boven Naar benedenHij doet het niet?

Als je hond iets niet doet waar je om vraagt, zorg er dan voor dat hij zijn beloning niet krijgt.

Als de gevraagde oefening te moeilijk is, moet je het hem iets makkelijker maken. Weet je niet zeker of je hond de oefening onder die omstandigheden echt niet kan of dat hij uitprobeert of je met minder ook genoegen neemt? Neem dan iets dat je hond echt heel lekker vindt.

Vraag de betreffende oefening nog een keer, onder dezelfde omstandigheden. Voert je hond hem enthousiast en zonder aarzelen uit? Dan kent hij de oefening. Voert hij de oefening dan met de oorspronkelijke beloning weer niet uit, dan kun je gerust "jammer" zeggen, weglopen en hem zijn kans op die beloning ontnemen, al is het maar voor 5 minuten. Blijft je hond doen alsof hij het niet begrijpt?

Afhankelijk van waar je mee bezig was, kun je ervoor kiezen hem dan bijvoorbeeld te laten wachten op zijn eten tot de volgende maaltijd (géén portie ter compensatie), of hem kwartier te laten wachten op de volgende uitlaatbeurt (als hij dat aankan natuurlijk!), enz.

 

 

Naar boven Naar benedenManier van leven

Door beloningen "uit het alledaagse leven" in te zetten voor je opvoeding èn voor je training, zorg je er op een rustige, vriendelijke, niet-confronterende manier voor dat je hond meer waardering en respect voor je krijgt.

Zo bewust omgaan met de beloningen voor je hond voelt in het begin misschien wat onwennig aan. Als je het consequent blijft toepassen, wordt het al snel de normaalste zaak van de wereld. Op een dag merk je zelfs dat het een gewoonte is waar je niet meer bij na hoeft te denken.

Als geheugensteuntje en om in de gewoonte te komen, kun je in het begin op bepaalde plaatsen waar zich een vaak een beloningssituatie voordoet, post-it-briefjes opplakken. Bijvoorbeeld bij de voordeur, bij de achterdeur, in de keuken, bij een koekjestrommeltje dat je ergens in huis bewaart, bij de televisie waar je je hond vaak gedachtenloos knuffelt, enz.
Op de post-it-briefjes zet je de oefening die je hond moet doen voor de beloning. Zo help je jezelf herinneren DAT je hier iets wilde vragen EN welke oefening je er voor wilde vragen. Na ongeveer 5 dagen verwissel je de briefjes van plek of vervang je ze met een andere oefening.

 

 

Naar boven Naar benedenHuisregels

In het laatste deel van haar artikelenreeks gaf Christina Sondermann ook aan dat het omgaan met je hond niet zo heel veel verschilt met het omgaan met een huisgenoot: je maakt bepaalde afspraken om zo tot een prettig samenleven te komen. Hieronder zijn een aantal punten waarover je daarbij kunt nadenken, al zal de lijst niet uitputtend zijn:

  • Mag je hond overal in huis komen?
    Voor het al dan niet toestaan dat de hond in bepaalde ruimtes of op een andere verdieping komt, kunnen mensen veel redenen hebben: veiligheid, gezondheid van de hond, hygiëne, allergieën, enz. Daarom weren sommige mensen de hond uit de keuken tijdens het bereiden van een maaltijd.
  • Mag je hond op de bank, op bed, op stoelen?
    Je hond begrijpt er niets van als hij het de ene keer wel mag en een andere keer niet, bijvoorbeeld omdat hij nat en modderig is. Heeft je hond eenmaal geleerd hoe lekker deze plekken liggen, dan leer je het hem bijna niet meer af.
  • Waar is je hond tijdens de maaltijd?
    Stoort het je als je hond je het eten uit de mond kijkt, leer je hond dan in zijn mand te liggen tijdens de maaltijd.
  • Waar mag je hond zijn behoeften doen?
    Het is compleet onnodig een hond overal zijn behoeften te laten doen. Zoals je een hond kunt leren niet in je huis te plassen of te poepen, kun je hem die zindelijkheid ook op andere plaatsen bijbrengen. Laat je hond niet in andermans voortuin of tegen andermans heg zijn behoeften doen (ook niet plassen), en natuurlijk al helemaal niet op de stoep of op kinderspeelveldjes. Laat je hond niet snuffelen en loop vlot door op plaatsen waar hij niets mag doen. Dreigt hij het toch te doen, zeg je "loop door", roep je hem dringend en neem je hem snel mee naar een plek waar hij wèl mag. Daar prijs je hem uiteraard uitbundig en beloon je hem eventueel met iets lekkers als hij klaar is.
  • Gaat je hond voor je aan de kant?
    Het is erg handig om je hond te leren voor mensen aan de kant te gaan. Bedenk wat er kan gebeuren als je met je armen vol boodschappen binnenkomt en je kunt niet zien wat er voor je voeten loopt. Of als je 's nachts naar het toilet gaat in het donker en je hond ligt ergens waar je over hem kunt struikelen.

Aan de hand van al deze informatie kun je huisregels bepalen voor jouw hond. Welke dat precies zijn, hangt af van je hond, je woonsituatie, jezelf en je gezin. Spreek in ieder geval onderling in het gezin duidelijk af wat de huisregels zijn en dat iedereen ze helpt handhaven.

Het is een goed idee, de belangrijkste 10 huisregels op papier te zetten en deze op een centrale plaats in huis te plakken, bijvoorbeeld op een prikbord te hangen of de koelkast. Ophangen op een centrale plaats helpt voor het hele gezin als geheugensteuntje.

En zorg ervoor dat de regels voor je hond duidelijk zijn:

  • Leer je hond vooral wat wèl de bedoeling is.
  • Beloon je hond veel en goed voor het juiste gedrag.
  • Voorkom dat je hond in de fout kan gaan.
  • Als je hond toch dreigt de fout in te gaan, voorkom dat dan direct ("Nee!" of "eh!" en de hond datgene laten doen wat wèl mag).
  • Als de hond toch eens een keertje de fout in gaat (je zorgt er natuurlijk voor dat dit een uitzondering is!), voorkom je dat zijn gedrag op een of andere manier beloond wordt, onderbreek je gelijk het gedrag en laat je de hond zien wat wel de bedoeling is.
  • Als je je hond eens ergens voor corrigeert, bedenk dan gelijk: hoe kan ik hem leren wat wèl de bedoeling is en hoe voorkom ik het ongewenste gedrag in de toekomst.
  • En nogmaals: beloon je hond voor het juiste gedrag en voorkom dat je hond in de fout kan gaan.

Zo is het voor je hond het gemakkelijkste om de regels te begrijpen en zich eraan te houden.

Voor alle huisregels die je opstelt geldt: zorg ervoor dat iedereen in huis ze kent en zich er consequent – dus ALTIJD – aan houdt. Spreek af dat niemand uitzonderingen maakt. Als iemand tegen de regels in een bepaald gedrag toestaat, wordt de situatie voor de hond erg onduidelijk. Als het gedrag voor de hond ook nog veel voordeel oplevert en/of een gewoonte wordt, is het erg moeilijk af te leren.

Kortom, wees CONSEQUENT!

Meer links over rangorde, dominantie, enz. onder Meer info online op de pagina gedrag.



Tags:

Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

 

Nu aanwezig:

| 203 bezoekers |